Nederlandse vereniging voor groepsdynamica en groepspsychotherapie

Group psychotherapy for eating disorder

Grenon, R., et al. (2017). Group psychotherapy for eating disorder: A meta-analysis. International Journal of Eating Disorders, 50, 9. https://doi.org/10.1002/eat.22744

Verslag:Paul van Kessel

Abstract

In the current meta-analysis, we review the effect of group psychotherapy compared to both wait-list controls and other active treatments for adults with eating disorders (EDs). Twenty-seven randomized controlled trials (RCTs) that provide direct comparisons with a total of 1,853 participants were included. Group psychotherapy is significantly more effective than wait-list controls at achieving abstinence rates of binge eating and/or purging (RR = 5.51, 95% CI: 3.73, 8.12), decreasing the frequency of binge eating and/or purging (g = 0.70, 95% CI: 0.51, 0.90), and reducing related ED psychopathology (g = 0.49, 95% CI: 0.32, 0.66) after treatment. The effects of group psychotherapy and other active treatments (e.g., behavioral weight loss, self-help, individual psychotherapy) did not differ on any outcome at post-treatment or at follow-ups. Group cognitive behavioral therapy (CBT) and other forms of group psychotherapy did not differ significantly on outcomes at any time point. Additional research is needed to evaluate other group psychotherapy approaches, along with CBT, to provide more evidence-based treatment options for individuals with an ED. Group psychotherapy appears as effective as other common treatments and is perhaps more cost-effective than the most popular treatment, individual psychotherapy. Only 8.33% of comparisons in the current meta-analysis had at least 80% power to detect a moderate effect (d = .50) and we recommend that future RCTs be adequately powered.

Wat betekent dit voor de groepstherapie?

Veel theorieën over de instandhouding van symptomen bij eetstoornissen wijzen in de richting van interpersoonlijke problemen en een disregulatie van affect. Om die reden wijzen de auteurs groepstherapie als potentieel effectieve behandelvorm aan. In deze studie wordt met behulp van een meta-analyse de effectiviteit van groepstherapie onderzocht.  Alleen gerandomiseerde klinische onderzoeken (RCT’s) zijn in deze meta-analyse gebruikt. De effectiviteit van groepspsychotherapie wordt vergeleken met een wachtlijst en andere behandelvormen (waaronder individuele psychotherapie). Daarnaast wordt groeps-CGT vergeleken met andere vormen van groepstherapie, en tot slot wordt gekeken naar het verschil tussen het effect van groepstherapie op de korte termijn (≤6 maanden) en op de lange termijn (≥6 maanden).  Voor een overzicht van de uitgebreid beschreven methode, verwijzen we naar het volledige artikel.  Vergeleken met de wachtlijstcontrolegroep werd gevonden dat deelnemers aan groepstherapie 5,51 keer meer kans hebben om abstinent te blijven van eetbuien en purgeergedrag. Dit effect was middelgroot tot groot. Daarnaast liet groepspsychotherapie een klein tot medium effect op  eetstoornis gerelateerde symptomatologie, depressieve symptomen, en op het verbeteren van zelfbeeld. Voor de vergelijking van cognitieve gedragstherapie in groep en andere typen van groepstherapie, werd geen significant verschil gevonden tussen de effecten direct na de behandeling, op korte termijn (≤6 maanden) en lange termijn (≥6 maanden). Echter moeten deze resultaten met voorzichtigheid worden geïnterpreteerd wegens het beperkte aantal gevonden studies. In de conclusie stellen de auteurs dat deze meta-analyse laat zien dat groepspsychotherapie effectief is in het behandelen van eetstoornissen, en dat de effecten van groepspsychotherapie vergelijkbaar zijn met andere behandelvormen zoals individuele psychotherapie, zelfhulp, een gedragsmatige behandeling en farmacotherapie. Vergeleken met andere actieve behandelvormen, heeft groepspsychotherapie een groter effect op het verminderen van eetbuien voor mensen gediagnosticeerd met een eetbuistoornis, terwijl groepspsychotherapie en andere actieve behandelvormen vergelijkbare effecten lieten zien op het verminderen van eetbuien en purgeergedrag bij mensen gediagnosticeerd met boulimia nervosa.

Relevantie voor richtlijnenO O O O O
Relevantie voor onderzoekO O O O O
Relevantie voor groepsbehandelingO O O O O
Relevantie voor teamcoachingO O O O O
Relevantie voor groepsdynamicaopleidingO O O O O
Relevantie voor groepstherapieopleidingO O O O O
Relevantie voor KP opleiding of PsychiatrieopleidingO O O O O